Nieuwbouw

Ondergronden voorbereiden

Afdichting van met de grond in contact komende bouwdelen


BOTAMENT bouwwerkafdichtingen zijn voor alle minerale ondergronden geschikt. Om een optimale hechting van de bouwwerkafdichtingen op de ondergrond te garanderen, moet de ondergrond in elk geval zorgvuldig worden voorbereid. Eerst worden betonnaden, grindnesten, mortelkluiten en alle andere losse of losmakende stoffen verwijderd. Oneffenheden, kuilen en nietbehandelde plaatsen met een maximale diepte van 5 mm kunnen met de bouwwerkafdichting worden overwerkt. Voor grotere nietbehandelde plaatsen en uitsparingen wordt onze egalisatiemortel BOTAMENT M 90 of M 36 Speed gebruikt, waarmee ook open verticale en horizontale voegen in metselwerk kunnen worden gedicht. Daarna kan de grondlaag van BOTAMENT BE 901 Bitumineus voorstrijkmiddel, of bij sterk zuigende of gezandstraalde ondergronden, van BOTAMENT D 12 Diepteverkiezeling worden aangebracht.

Om blaasvorming voor het aanbrengen van de eerste afdichtingslaag te beperken, moeten poreuze ondergronden of ondergronden met veel poriën, zoals beton en puimsteen, met een kras- en poriënvullaag van de gekozen bouw-werkafdichting worden voorzien.

Alle ondergronden moeten over voldoende sterkte en draagvermogen beschikken en op het ogenblik van de afdichtingswerkzaamheden droog tot maximaal licht vochtig en vorstvrij zijn. 

Praktijk tip:

TIP: Controle van de ondergrond

VEEGPROEF:

Wanneer men met de hand over de ondergrond strijkt, mogen geen stukjes van de ondergrond loskomen.

KRASPROEF:

Hierbij wordt het oppervlak met een metalen voorwerp, bijvoorbeeld een schroevendraaier, mes of spijker, kruislings bekrast. Hoe dieper de kras, des te kleiner de drukwaarde resp. het draagvermogen. De uitsparingen aan de rand van de groeven en aan snijpunten maken ook conclusies over het draagvermogen mogelijk. Wanneer hier stukjes afspringen of wanneer de spijker in het oppervlak dringt, moeten de niet-dragende lagen worden verwijderd. Schuimbeton en gezandstraalde ondergronden moeten met een diepteverkiezeling worden voorbehandeld.

BEVOCHTIGINGSPROEF:

Water dat op de ondergrond is aangebracht, moet zo snel mogelijk worden geabsorbeerd. Nat glanzende oppervlakken moeten worden vermeden, een licht vochtige ondergrond kan probleemloos worden overwerkt. 

1

Verwijderen van losse stukken en afkanten van de fundamentranden

2

Afkanten van de buitenste metselwerkboorden 

3

Beschermen van de voet tegen negatieve waterdruk met BOTAMENT M 34 of MS 30 

4

Egaliseren van niet-behandelde plaatsen en uitsparingen met BOTAMENT M 90 of M 36 Speed 

5

Gronden met BOTAMENT BE 901 Bitumineus voorstrijkmiddel 

6

Gronden met BOTAMENT D 12 Diepteverkiezeling 

7

Vervaardigen van de holplinten met BOTAMENT M 36 Speed